Informatie over de opgravingen bij de Burcht van Kuinre.
Op donderdagmorgen 3 september konden belangstellenden een kijkje nemen bij de opgravingen van de Burcht van Kuinre. Hieronder een verslag.
De opgravingen vinden plaats in de aanloop naar de nieuwe inrichting van het terrein. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voert het onderzoek uit samen met de provincie Flevoland, gemeente Noordoostpolder en Staatsbosbeheer. Doel is meer inzicht te krijgen in de ouderdom, opbouw en huidige staat van de resten van het middeleeuwse kasteel in de bodem. We krijgen veel informatie. Er wordt een bak met natuursteen getoond. Het is vulkanisch gesteente en komt uit de Eifel in Duitsland. Na het vertrek van de Romeinen in 1200 werd er eerst met dit materiaal gebouwd. Ze vermoeden dat dit is gebruikt om het oudste gebouw mee te bouwen. Er zijn helaas geen tekeningen meer van hoe het gebouw er ooit uit heeft gezien. Ze moeten het eigenlijk van de archeologie hebben.

Er zijn palen gevonden die al 750 jaar oud zijn. Gemaakt van elzenhout. Nog altijd gaaf in de grond. Boven op die palen ( die mannetje aan mannetje stonden in de grond) werden de bakstenen gebouwd. Ook was er nog een mooi detail; de Heren van Kuinre sloegen munten. In eerste instantie valse munten, want het zilvergehalte was erg laag.
Op de munt staat dan "komis van Kuinre", vertaalt: "de graaf van Kuinre". Maar ze waren helemaal geen graaf, dat hadden ze zichzelf benoemd. Op de achterkant van de munt staat "Kuinre" of "Emmeloord", (Van schokland). Maar dan rijst de vraag; waar is deze munt dan geslagen? Ze hopen nog aanwijzingen te vinden op de burcht.
De munten zijn veel in de Baltische staten gevonden en Denemarken. Via de Hanzesteden werden de munten verhandeld naar het noorden. Dit gebeurde in de 13e eeuw.
Archeoloog dr. Wouter Verschoof, kon ook vertellen dat er om dit kasteel minstens 5 grachten lagen en via luchtfoto’s hebben ze ook ontdekt dat iets verder in het bos rare bulten liggen, waarschijnlijk is daar ook nog wel wat te vinden, maar dat is voor later. Meestal is er ook een voorburcht. Daar bevonden zich de stallen, de bakkerij en woonden de dienstlieden. Die waren vaak van hout gebouwd. De voorburcht is hier nooit gevonden en dat vinden ze vreemd. Maar bij de rare bulten verder in het bos zouden best weleens aanwijzingen kunnen zijn dat daar een voorburcht stond.
Na deze informatie gaan we bij de opgravingen kijken en krijgen daar nog verdere informatie. Alle vondsten die ze in de verschillende lagen vinden worden allemaal vastgelegd. Als ze verder met de kraan willen graven gaan ze eerst met een metaaldetector zoeken of ze nog wat kunnen vinden. Ze vinden o.a. pijpjes, kannetjes, kruikjes, loden kogels en kleine knikkers, kleine kogeltjes dus. De loden kogels dateren uit 1350 – 1400. etc.
Vrijdag 4 september word alles weer dichtgegooid. Zand erover. Alles wordt bewaard en opgeslagen. Ze denken zeker 2 jaar nodig te hebben voordat alles is geregistreerd en gedocumenteerd. Daar krijgen we zeker meer over te horen. Het was een zeer informatieve en leerzame ochtend.
Uw speciale verslaggever.